Individuele behandeling
Binnen de individuele behandeling wordt afgestemd op de hulpvraag, ontwikkeling en behoeften van het kind of de jongere. Naast gesprek en psycho-educatie kan ervaringsgericht, creatief en, waar passend, lichaamsgericht worden gewerkt. Hierdoor kunnen behandeldoelen niet alleen cognitief, maar ook vanuit beleving en ervaring worden benaderd.
Waar nodig worden ouders en andere belangrijke betrokkenen bij de behandeling betrokken, zodat wat tijdens de behandeling wordt geleerd en ervaren ook kan worden vertaald naar de dagelijkse leefomgeving van het kind of de jongere.
Specialistische individuele behandeling voor kinderen en jongeren, onder andere gericht op:
01
Complexe scheidingsproblematiek
Bijvoorbeeld wanneer een kind klem raakt tussen ouders, moeite heeft met wisselmomenten of vragen en gevoelens heeft over de scheiding.
02
Trauma- en hechtingsproblematiek
Bijvoorbeeld wanneer ingrijpende ervaringen invloed hebben op het gevoel van veiligheid, vertrouwen of de relatie met anderen.
03
Rouw- en verliesverwerking
Bijvoorbeeld bij angst, faalangst, onzekerheid, piekeren of snel overspoeld raken door gevoelens.
04
Emotionele problematiek
Bijvoorbeeld wanneer een kind snel boos wordt, driftbuien heeft, impulsief reageert, zich terugtrekt of moeite heeft om emoties te herkennen en te reguleren.
05
Zelfbeeld, zelfvertrouwen en weerbaarheid
Bijvoorbeeld wanneer een kind weinig vertrouwen heeft in zichzelf, moeilijk voor zichzelf opkomt of erg gevoelig is voor wat anderen van hem of haar vinden.
06
Spanningsregulatie en lichaamsbewustzijn
Bijvoorbeeld wanneer een kind spanning moeilijk herkent, voortdurend ‘aan’ staat of niet goed weet hoe het lichaam weer tot rust kan komen.
07
Problemen in contact en relaties
Bijvoorbeeld moeite met vertrouwen, vriendschappen aangaan of behouden, grenzen aangeven, rekening houden met grenzen van anderen of eigen behoeften uitspreken.
08
Ontwikkelingsproblematiek
Bijvoorbeeld wanneer problemen rondom slapen, eten, zindelijkheid of sociaal-emotionele ontwikkeling samenhangen met de ontwikkeling en het functioneren van het kind.
09
Aangeleerde of spanningsgerelateerde gewoonten
Bijvoorbeeld nagelbijten, haarplukken, tandenknarsen of andere terugkerende gedragingen die toenemen bij spanning.
10
Psycho-educatie en behandeling na diagnostiek bij ontwikkelingsproblematiek
Bijvoorbeeld wanneer een kind met ADHD of ASS ondersteuning nodig heeft om zichzelf beter te begrijpen, signalen van overprikkeling te herkennen en vaardigheden te ontwikkelen die helpen in het dagelijks leven.




